HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← Terug naar zoeken

Betekenis van bontgoed | Babel Free

Zelfstandig naamwoord CEFR B2
/'bɔntxut/

Definities

gekleurde, (katoenen) stoffen die apart van de witte stoffen gewassen moeten worden

Voorbeelden

“Na Linthout kwamen een manufacturier, wiens winkel heerlijk naar graslinnen rook, het kledingmagazijn Peek en Cloppenburg en de sigarenhandelaar Van Det, een weduwnaar met twee dochters, van wie de oudste na wekenlang te zijn vermist uit de Wijnhaven werd opgedregd. Verder waren er een winkel in zuivelproducten, de slager Van Putte, een aardappelzaak die nog gaslicht had en waar in plaats van aardappelen grote brokken druivensuiker lagen uitgestald, een winkel in schorten en bontgoed, een klein, duister kruidenierszaakje, een groenteman die `de Hakkelaar' werd genoemd, en op de hoek van de Zegwaardstraat een soort laswerkplaats, met opspattende vonken achter donkere ramen.”

ERK-niveau

B2
Bovengemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.

Zie ook

Leer dit woord in context

Bekijk bontgoed gebruikt in echte gesprekken in onze gratis Spaanse cursus.

Gratis cursus starten