Betekenis van aanbelde | Babel Free
/ˈambɛldə/Definities
enkelvoud verleden tijd van aanbellen
form-of, with-subordinate-clause
Voorbeelden
“... dat ik aanbelde.”
“... dat jij aanbelde.”
“... dat hij, zij, het aanbelde.”
“Voor Churchill-laan 270 zette hij de fiets vast, draaide zich om, liep naar de deur, en het was, ondanks alles, de gewoonste zaak van de wereld toen hij zonder aarzeling aanbelde.”
ERK-niveau
B2
Bovengemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.