Betekenis van timpjes | Babel Free
/ˈtɪmpjəs/Definities
verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord timp
form-of, plural
Voorbeelden
“En nog heden bezitten wij tal van broodvormen die de belichaming zijn van deze oeroude voorstellingen: onze Kerstkransen en timpjes, bestellen, warme bollen en krakelingen, (…)”
ERK-niveau
B1
Gemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.