Betekenis van taalverwantschap | Babel Free
/ˈtalvərˌwɑntsxɑp/Definities
de in de historische en de vergelijkende taalkunde gebruikelijke benaming voor het feit dat twee of meer taalvariëteiten die in hun huidige vorm als afzonderlijke talen worden beschouwd uiteindelijk uit dezelfde vooroudertaal zijn voortgekomen
Voorbeelden
“Bij NG-theologen die moeite hadden met kerk en samenleving leefde sterk de overtuiging dat -zoals in de Reformatie de kerken van de Reformatie landsgewijs werden ingedeeld- een sterke parallel kan worden getrokken naar volks-, ras- en taalverwantschap. Kortom, de beleving van taal, cultuur en geaardheid laat zich in de kerk het gemakkelijkst vertalen naar volk- en kleurgescheiden kerken. Daar heeft elke christen recht op, stelt de oudtestamenticus.”
“Volgens de ambassade komt de toename vooral door de economische crisis. De keuze voor Nederland komt onder meer voort uit de taalverwantschap; Afrikaans is een dochtertaal van het Nederlands.”
“Waar de zigeuners precies vandaan komen, weet niemand met zekerheid, maar men neemt nu algemeen aan, naar aanleiding van bepaalde taalverwantschappen, dat ze uit Voor-Indië stammen.”
ERK-niveau
C2
Beheersing
Dit woord behoort tot de ERK C2-woordenschat — niveau beheersing.
Dit woord behoort tot de ERK C2-woordenschat — niveau beheersing.