Betekenis van schun | Babel Free
/sxʏn/Definities
-
haveloos geklede persoon, landloper obsolete
-
gemene vent, boef ironic, obsolete
Voorbeelden
“De ander was een havelooze schun Die vent met peperkoek, en die door dik en dun Zweert, afzweert en getuigt, voor wie hem maar betaalt, Men had hem aangekleed en zóó van straat gehaald.”
“Die van Arie voor de volle klas gezegd had, dat hij behoorde tot dat soort van jongens, van wie men al blij mocht wezen, wanneer men er later niets meer van hoorde.... De schun!”
ERK-niveau
B1
Gemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.