Betekenis van nagelbijt | Babel Free
/ˈnaɣəlˌbɛit/Definities
-
eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van nagelbijten form-of
-
gebiedende wijs van nagelbijten form-of
-
tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van nagelbijten form-of, inversion
-
derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van nagelbijten form-of
Voorbeelden
“Ik nagelbijt.”
“Nagelbijt!”
“Nagelbijt je?”
“Het nagelbijtende kind aanspreken dat normaal nooit nagelbijt: zit jou misschien iets dwars?”
ERK-niveau
B2
Bovengemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.