Betekenis van hoogdag | Babel Free
Definities
- belangrijke kerkelijke feestdag vooral bij de rooms-katholieken
- een hele leuke dag
Voorbeelden
“Kerstmis, Pasen, Pinksteren en Allerheiligen zijn de vier hoogdagen.”
“Saddam Hoessein? Een hoogdag toen hij werd opgehangen.”
“1 mei 2004. Een mijlpaal in de geschiedenis van Europa. Een ware hoogdag voor de Europese Unie.”
“Er waren drank en exquise hapjes voor vierhonderd genodigden. Geschonken door de stad en geserveerd door personeel van de stad. Het was ongetwijfeld een hoogdag voor Bart Tommelein en zijn nieuwe jonge vrouw.”
“Mis deze hoogdag van de koormuziek niet!”
ERK-niveau
B1
Gemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.