HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← Terug naar zoeken

Betekenis van feestband | Babel Free

Zelfstandig naamwoord CEFR B2
/ˈfes(t)bɛnt/

Definities

een muziekgroep die vrolijke, feestelijke muziek maakt op feesten en partijen

Voorbeelden

“Blij werden we ook van de vele mensen die deelnamen aan de pubquiz. De hele kroeg zat vol! En dat op woensdagavond. Tenslotte werden we blij van de band de Moeflons. Een echte feestband die de kroeg op zijn kop zette.”
“De Limburgse feestband Rowwen Hèze sluit op zaterdag 20 augustus het culturele muziekfestival Culinesse in Rotterdam-Nesselande af. Dat heeft de organisatie dinsdag bekend gemaakt.”
“Prinses Sandra komt uit Doetinchem, ze is getrouwd met Fons en heeft drie kinderen (Carmen, Susan en Hilde). Ze werkt in de ouderenzorg bij De Burgstede in Lemerlerveld en is in Haarle onder meer actief lid van de tennisclub en feestband . Behalve de nieuwe prinses werden ook jeugdprinses Paris en adjudant Wesley gehuldigd.”

ERK-niveau

B2
Bovengemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.

Zie ook

Leer dit woord in context

Bekijk feestband gebruikt in echte gesprekken in onze gratis Spaanse cursus.

Gratis cursus starten