Betekenis van beenvisachtigen | Babel Free
/ˈbemvɪsˌɑxtəɣə(n)/Definities
-
meervoud van het zelfstandig naamwoord beenvisachtige form-of, plural
- een superklasse Osteichthyes van vissen die in tegenstelling tot de kraakbeenvissen (Chondrichthyes) in de regel een skelet hebben dat uit echt bot bestaat. De overgrote meerderheid van alle vissen behoren tot deze groep. Met 28.000 soorten vormen de beenvisachtigen de grootste groep binnen de gewervelden. De beenvisachtigen wordt onderverdeeld in twee groepen: de straalvinnigen (Actinopterygii) en kwastvinnigen (Sarcopterygii)
Voorbeelden
“De ademhaling bij beenvisachtigen met inwendige kieuwen gaat als volgt: de bek gaat open en de vis zuigt zijn bek vol met water, de bek sluit zich en het water wordt door verkleining van de mondholte langs de kieuwen naar de kieuwholten geperst.”
“Volgens de onderzoekers is het nieuwe exemplaar daarom misschien wel de grootste vis die ooit gezien werd. Al is een kanttekening wel nodig. Het gaat hier specifiek over beenvisachtigen.”
ERK-niveau
C2
Beheersing
Dit woord behoort tot de ERK C2-woordenschat — niveau beheersing.
Dit woord behoort tot de ERK C2-woordenschat — niveau beheersing.