Betekenis van afrekende | Babel Free
Definities
enkelvoud verleden tijd van afrekenen
form-of, with-subordinate-clause
Voorbeelden
“... dat ik afrekende.”
“... dat jij afrekende.”
“... dat hij, zij, het afrekende.”
“Zonder de pillen kon ze niet verder, terwijl die troep in haar lichaam ook geen uitkomst bood. Ze slikte ze, net zoals ze haar tanden poetste, dagelijks een douche nam en de boodschappen bij de deur afrekende.”
ERK-niveau
B2
Bovengemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.
Know this word better than we do? Language is a living thing — help us keep it growing. Collaborate with Babel Free