HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← Terug naar zoeken

Betekenis van winterdag | Babel Free

Zelfstandig naamwoord mannelijk
/ˈʋɪn.tərˌdɑx/

Voorbeelden

“Op een heldere winterdag gingen we schaatsen.”

On a clear winter day, we went ice skating.

“Het was een koude winterdag met temperaturen onder het vriespunt.”

It was a cold winter day with temperatures below freezing.

“Tijdens een winterdagje gingen we altijd naar opa en oma.”

On a short winter day, we always went to grandma and grandpa's house.

Zie ook

Leer dit woord in context

Bekijk winterdag gebruikt in echte gesprekken in onze gratis Spaanse cursus.

Gratis cursus starten