HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← Terug naar zoeken

Betekenis van paasdag | Babel Free

Zelfstandig naamwoord mannelijk CEFR B1
ˈpaːs.dɑx

Definities

een van de twee dagen van het paasfeest, paaszondag of paasmaandag

Voorbeelden

“eerste paasdag: Easter Sunday”
“tweede paasdag: Easter Monday”
“De tweede paasdag is een officiële vrije dag.”
“Op Eerste Paasdag had ik in Rome de eer om paus Franciscus te ontmoeten. Een heel bijzonder moment. En zojuist bereikte ons het verdrietige nieuws dat hij is overleden. Mijn gedachten zijn bij allen die geraakt zijn door zijn overlijden.”

ERK-niveau

B1
Gemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.
See all B1 Nederlands words →

Zie ook

Leer dit woord in context

Bekijk paasdag gebruikt in echte gesprekken in onze gratis Spaanse cursus.

Gratis cursus starten

Know this word better than we do? Language is a living thing — help us keep it growing. Collaborate with Babel Free