Betekenis van doelde | Babel Free
Definities
enkelvoud verleden tijd van doelen
form-of
Voorbeelden
“Ik doelde.”
“Jij doelde.”
“Hij, zij, het doelde.”
“Hoewel Chantal met dit gebaar generaliseerde, wist haar zus precies op wie ze doelde.”
ERK-niveau
C2
Beheersing
Dit woord behoort tot de ERK C2-woordenschat — niveau beheersing.
Dit woord behoort tot de ERK C2-woordenschat — niveau beheersing.