Betekenis van diek | Babel Free
/dik/Definities
-
eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van dieken form-of
-
gebiedende wijs van dieken form-of
-
tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van dieken form-of, inversion
Voorbeelden
“Ik diek.”
“Diek!”
“Diek je?”
“Ik breng zand, waar 't moet, van zandtruck. En ik neem die schoffel daar (hij bedoelde: schop) en diek 't zand en zet 't op die plaats waar zand moet zijn.”
ERK-niveau
B1
Gemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.