Betekenis van aarzelde | Babel Free
Voorbeelden
“Ik aarzelde.”
“Jij aarzelde.”
“Hij, zij, het aarzelde.”
“Zin om maandag na school naar mij te komen⟳? Een film kijken⟳ ofzo? Ik aarzelde even voor ik ten slotte schreef: Goed.”
“Hij aarzelde een ogenblik voordat hij het tussen duim en wijsvinger doodkneep.”
ERK-niveau
C2
Beheersing
Dit woord behoort tot de ERK C2-woordenschat — niveau beheersing.
Dit woord behoort tot de ERK C2-woordenschat — niveau beheersing.
Know this word better than we do? Language is a living thing — help us keep it growing. Collaborate with Babel Free