Betekenis van deursleutel | Babel Free
Definities
sleutel waarmee men het slot van een deur kan openen en sluiten
Voorbeelden
“'Ja,'zei ze terwijl ze met de deursleutel frunnikte, 'Ik wil niet dat we ons meteen uitkleden, onze tanden poetsen, onze kleren netjes opvouwen en onze pyjama aantrekken.'”
ERK-niveau
C1
Gevorderd
Dit woord behoort tot de ERK C1-woordenschat — niveau gevorderd.
Dit woord behoort tot de ERK C1-woordenschat — niveau gevorderd.