Betekenis van oppot | Babel Free
Definities
-
eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van oppotten form-of, with-subordinate-clause
-
tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van oppotten form-of, with-subordinate-clause
-
derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van oppotten form-of, with-subordinate-clause
Voorbeelden
“... dat ik oppot.”
“... dat jij oppot.”
“... dat hij oppot.”
ERK-niveau
B1
Gemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.