Betekenis van carpool | Babel Free
/ˈkɑrpuːl/Definities
-
eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van carpoolen form-of
-
gebiedende wijs van carpoolen form-of
-
tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van carpoolen form-of, inversion
Voorbeelden
“Ik carpool.”
“Carpool!”
“Carpool je?”
ERK-niveau
C2
Beheersing
Dit woord behoort tot de ERK C2-woordenschat — niveau beheersing.
Dit woord behoort tot de ERK C2-woordenschat — niveau beheersing.