Betekenis van bik | Babel Free
Definities
-
eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bikken form-of
-
gebiedende wijs van bikken form-of
-
tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bikken form-of, inversion
Voorbeelden
“Ik bik.”
“Bik!”
“Bik je?”
ERK-niveau
A2
Elementair
Dit woord behoort tot de ERK A2-woordenschat — niveau elementair.
Dit woord behoort tot de ERK A2-woordenschat — niveau elementair.