Betekenis van afzag | Babel Free
Definities
enkelvoud verleden tijd van afzien
form-of, with-subordinate-clause
Voorbeelden
“... dat ik afzag.”
“... dat jij afzag.”
“... dat hij, zij, het afzag.”
ERK-niveau
B1
Gemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.