Betekenis van afsloop | Babel Free
Definities
-
eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afslopen form-of, with-subordinate-clause
-
enkelvoud verleden tijd van afsluipen form-of, with-subordinate-clause
Voorbeelden
“... dat ik afsloop.”
“... dat jij afsloop.”
“... dat hij, zij, het afsloop.”
ERK-niveau
B1
Gemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.
Know this word better than we do? Language is a living thing — help us keep it growing. Collaborate with Babel Free