Betekenis van scheidde af | Babel Free
Definities
enkelvoud verleden tijd van afscheiden
form-of
Voorbeelden
“Ik scheidde af.”
“Jij scheidde af.”
“Hij, zij, het scheidde af.”
ERK-niveau
B2
Bovengemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.