Betekenis van haspelde af | Babel Free
Definities
enkelvoud verleden tijd van afhaspelen
form-of
Voorbeelden
“Ik haspelde af.”
“Jij haspelde af.”
“Hij, zij, het haspelde af.”
ERK-niveau
B2
Bovengemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.