Betekenis van bouw af | Babel Free
/ˈbɑu ˈɑf/Definities
-
eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afbouwen form-of
-
gebiedende wijs van afbouwen form-of
-
tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afbouwen form-of, inversion
Voorbeelden
“Ik bouw af.”
“Bouw af!”
“Bouw je af?”
ERK-niveau
B2
Bovengemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B2-woordenschat — niveau bovengemiddeld.