HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ontbreken — definición

Conjugation of ontbreken

Regular CEFR C1
/ˌɔntˈbreː.kə(n)/

niet aanwezig zijn terwijl dit wel zou moeten of verwacht wordt Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ontbreek
jij / je ontbreekt
hij / zij / het ontbreekt
wij / we ontbreken
jullie ontbreken
zij / ze ontbreken
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ontbrak
jij / je ontbrak
hij / zij / het ontbrak
wij / we ontbraken
jullie ontbraken
zij / ze ontbraken

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ontbreke
jij / je ontbreke
hij / zij / het ontbreke
wij / we ontbreken
jullie ontbreken
zij / ze ontbreken
Aanvoegende wijs — verleden
ik ontbrake
jij / je ontbrake
hij / zij / het ontbrake
wij / we ontbraken
jullie ontbraken
zij / ze ontbraken

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ontbreek
jullie (archaïsch) ontbreekt

Onbepaalde vormen

Infinitief
ontbreken
Tegenwoordig deelwoord
ontbrekend
Voltooid deelwoord
ontbroken

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary