Betekenis van thuisspeler | Babel Free
Definities
speler die speelt voor het eigen publiek
Voorbeelden
“De wedstrijdleiding zag er geen kwaad in dat de thuisspeler een filmpje maakte van de 'wave' die over de tribunes rolde.”
“De titelhouder van het Oostenrijkse graveltoernooi begon met een stroeve overwinning op thuisspeler Philipp Oswald (6-4, 3-6, 6-2).”
ERK-niveau
C1
Gevorderd
Dit woord behoort tot de ERK C1-woordenschat — niveau gevorderd.
Dit woord behoort tot de ERK C1-woordenschat — niveau gevorderd.