Betekenis van -voud | Babel Free
/vɑu̯t/Definities
- ter vorming van bijvoeglijk naamwoorden en bijwoorden afgeleid van bepaalde en onbepaalde hoofdtelwoorden, met als betekenis ‘zo veel, zo vaak e.d. als in het telwoord is genoemd’; b.v. in duizendigvoud, menigvoud, zevenvoud
- ter vorming van zelfstandig naamwoorden afgeleid van bepaalde en onbepaalde hoofdtelwoorden, met als betekenis 'zoveel maal het aantal e.d. als in het telwoord wordt genoemd; b.v. in tweevoud, vijfvoud, veelvoud
- ter vorming van zelfstandig naamwoorden van een bijvoeglijk naamwoord, verwant met vouwen
ERK-niveau
B1
Gemiddeld
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.
Dit woord behoort tot de ERK B1-woordenschat — niveau gemiddeld.