HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← zwelgen — definition

Conjugation of zwelgen

Regular CEFR C2
ˈzʋɛlɣə(n)

zich onmatig verlustigen, zich te buiten gaan aan Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik zwelg
jij / je zwelgt
hij / zij / het zwelgt
wij / we zwelgen
jullie zwelgen
zij / ze zwelgen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik zwolg
jij / je zwolg
hij / zij / het zwolg
wij / we zwolgen
jullie zwolgen
zij / ze zwolgen

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik zwelge
jij / je zwelge
hij / zij / het zwelge
wij / we zwelgen
jullie zwelgen
zij / ze zwelgen
Aanvoegende wijs — verleden
ik zwolge
jij / je zwolge
hij / zij / het zwolge
wij / we zwolgen
jullie zwolgen
zij / ze zwolgen

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij zwelg
jullie (archaïsch) zwelgt

Onbepaalde vormen

Infinitief
zwelgen
Tegenwoordig deelwoord
zwelgend
Voltooid deelwoord
gezwolgen

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary