HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← zinnigen — definition

Conjugation of zinnigen

Regular CEFR B2
ˈzɪ.nə.ɣə(n)

(used impersonally, third person singular only: Het zinnigt ...) To please, be to someone's liking Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik zinnig
jij / je zinnigt
hij / zij / het zinnigt
wij / we zinnigen
jullie zinnigen
zij / ze zinnigen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik zinnigde
jij / je zinnigde
hij / zij / het zinnigde
wij / we zinnigden
jullie zinnigden
zij / ze zinnigden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik zinnige
jij / je zinnige
hij / zij / het zinnige
wij / we zinnigen
jullie zinnigen
zij / ze zinnigen
Aanvoegende wijs — verleden
ik zinnigde
jij / je zinnigde
hij / zij / het zinnigde
wij / we zinnigden
jullie zinnigden
zij / ze zinnigden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij zinnig
jullie (archaïsch) zinnigt

Onbepaalde vormen

Infinitief
zinnigen
Tegenwoordig deelwoord
zinnigend
Voltooid deelwoord
gezinnigd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary