HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← verbinden — definición

Conjugation of verbinden

Regular CEFR B2
/vərˈbɪn.də(n)/

met iets of iemand contact maken via de telefoonlijn Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik verbind
jij / je verbindt
hij / zij / het verbindt
wij / we verbinden
jullie verbinden
zij / ze verbinden
Verleden tijd (o.v.t.)
ik verbond
jij / je verbond
hij / zij / het verbond
wij / we verbonden
jullie verbonden
zij / ze verbonden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik verbinde
jij / je verbinde
hij / zij / het verbinde
wij / we verbinden
jullie verbinden
zij / ze verbinden
Aanvoegende wijs — verleden
ik verbonde
jij / je verbonde
hij / zij / het verbonde
wij / we verbonden
jullie verbonden
zij / ze verbonden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij verbind
jullie (archaïsch) verbindt

Onbepaalde vormen

Infinitief
verbinden
Tegenwoordig deelwoord
verbindend
Voltooid deelwoord
verbonden

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary