HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← tolereren — definición

Conjugation of tolereren

Regular CEFR C2
/toː.ləˈreː.rə(n)/

toelaten en dulden Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik tolereer
jij / je tolereert
hij / zij / het tolereert
wij / we tolereren
jullie tolereren
zij / ze tolereren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik tolereerde
jij / je tolereerde
hij / zij / het tolereerde
wij / we tolereerden
jullie tolereerden
zij / ze tolereerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik tolerere
jij / je tolerere
hij / zij / het tolerere
wij / we tolereren
jullie tolereren
zij / ze tolereren
Aanvoegende wijs — verleden
ik tolereerde
jij / je tolereerde
hij / zij / het tolereerde
wij / we tolereerden
jullie tolereerden
zij / ze tolereerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij tolereer
jullie (archaïsch) tolereert

Onbepaalde vormen

Infinitief
tolereren
Tegenwoordig deelwoord
tolererend
Voltooid deelwoord
getolereerd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary