HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← tolken — definición

Conjugation of tolken

Regular CEFR C2
/ˈtɔl.kə(n)/

gesproken- of gebarentaal terstond vertalen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik tolk
jij / je tolkt
hij / zij / het tolkt
wij / we tolken
jullie tolken
zij / ze tolken
Verleden tijd (o.v.t.)
ik tolkte
jij / je tolkte
hij / zij / het tolkte
wij / we tolkten
jullie tolkten
zij / ze tolkten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik tolke
jij / je tolke
hij / zij / het tolke
wij / we tolken
jullie tolken
zij / ze tolken
Aanvoegende wijs — verleden
ik tolkte
jij / je tolkte
hij / zij / het tolkte
wij / we tolkten
jullie tolkten
zij / ze tolkten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij tolk
jullie (archaïsch) tolkt

Onbepaalde vormen

Infinitief
tolken
Tegenwoordig deelwoord
tolkend
Voltooid deelwoord
getolkt

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary