HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← sluiten — definition

Conjugation of sluiten

Regular CEFR A2
ˈslœy̯tə(n)

een compromis/overeenkomst, … ~: tot een gezamenlijke overeenstemming komen en die min of meer officieel maken Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik sluit
jij / je sluit
hij / zij / het sluit
wij / we sluiten
jullie sluiten
zij / ze sluiten
Verleden tijd (o.v.t.)
ik sloot
jij / je sloot
hij / zij / het sloot
wij / we sloten
jullie sloten
zij / ze sloten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik sluite
jij / je sluite
hij / zij / het sluite
wij / we sluiten
jullie sluiten
zij / ze sluiten
Aanvoegende wijs — verleden
ik slote
jij / je slote
hij / zij / het slote
wij / we sloten
jullie sloten
zij / ze sloten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij sluit
jullie (archaïsch) sluit

Onbepaalde vormen

Infinitief
sluiten
Tegenwoordig deelwoord
sluitend
Voltooid deelwoord
gesloten

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary