HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← scheren — definition

Conjugation of scheren

Regular CEFR B2
ˈsxeː.rə(n)

zich ~ zich ergens vandaan verwijderen, zich uit de voeten maken Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik scheer
jij / je scheert
hij / zij / het scheert
wij / we scheren
jullie scheren
zij / ze scheren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik schoor
jij / je schoor
hij / zij / het schoor
wij / we schoren
jullie schoren
zij / ze schoren

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik schere
jij / je schere
hij / zij / het schere
wij / we scheren
jullie scheren
zij / ze scheren
Aanvoegende wijs — verleden
ik schore
jij / je schore
hij / zij / het schore
wij / we schoren
jullie schoren
zij / ze schoren

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij scheer
jullie (archaïsch) scheert

Onbepaalde vormen

Infinitief
scheren
Tegenwoordig deelwoord
scherend
Voltooid deelwoord
geschoren

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary