HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← refereren — definition

Conjugation of refereren

Regular CEFR B2
reː.fəˈreː.rə(n)

zich ~ aan: zich neerleggen bij een besluit Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik refereer
jij / je refereert
hij / zij / het refereert
wij / we refereren
jullie refereren
zij / ze refereren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik refereerde
jij / je refereerde
hij / zij / het refereerde
wij / we refereerden
jullie refereerden
zij / ze refereerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik referere
jij / je referere
hij / zij / het referere
wij / we refereren
jullie refereren
zij / ze refereren
Aanvoegende wijs — verleden
ik refereerde
jij / je refereerde
hij / zij / het refereerde
wij / we refereerden
jullie refereerden
zij / ze refereerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij refereer
jullie (archaïsch) refereert

Onbepaalde vormen

Infinitief
refereren
Tegenwoordig deelwoord
refererend
Voltooid deelwoord
gerefereerd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary