HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← redenen — definition

Conjugation of redenen

Regular CEFR B1
ˈreːdənə(n)

to discuss Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik reden
jij / je redent
hij / zij / het redent
wij / we redenen
jullie redenen
zij / ze redenen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik redende
jij / je redende
hij / zij / het redende
wij / we redenden
jullie redenden
zij / ze redenden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik redene
jij / je redene
hij / zij / het redene
wij / we redenen
jullie redenen
zij / ze redenen
Aanvoegende wijs — verleden
ik redende
jij / je redende
hij / zij / het redende
wij / we redenden
jullie redenden
zij / ze redenden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij reden
jullie (archaïsch) redent

Onbepaalde vormen

Infinitief
redenen
Tegenwoordig deelwoord
redenend
Voltooid deelwoord
geredend

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary