HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← rakelen — definición

Conjugation of rakelen

Regular CEFR C2
/ˈraː.kə.lə(n)/

door het vuur heen en weer poken Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik rakel
jij / je rakelt
hij / zij / het rakelt
wij / we rakelen
jullie rakelen
zij / ze rakelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik rakelde
jij / je rakelde
hij / zij / het rakelde
wij / we rakelden
jullie rakelden
zij / ze rakelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik rakele
jij / je rakele
hij / zij / het rakele
wij / we rakelen
jullie rakelen
zij / ze rakelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik rakelde
jij / je rakelde
hij / zij / het rakelde
wij / we rakelden
jullie rakelden
zij / ze rakelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij rakel
jullie (archaïsch) rakelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
rakelen
Tegenwoordig deelwoord
rakelend
Voltooid deelwoord
gerakeld

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary