HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← proflecteren — definición

Conjugation of proflecteren

Regular CEFR C1

to do for someone else what you cannot do for yourself Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik proflecteer
jij / je proflecteert
hij / zij / het proflecteert
wij / we proflecteren
jullie proflecteren
zij / ze proflecteren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik proflecteerde
jij / je proflecteerde
hij / zij / het proflecteerde
wij / we proflecteerden
jullie proflecteerden
zij / ze proflecteerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik proflectere
jij / je proflectere
hij / zij / het proflectere
wij / we proflecteren
jullie proflecteren
zij / ze proflecteren
Aanvoegende wijs — verleden
ik proflecteerde
jij / je proflecteerde
hij / zij / het proflecteerde
wij / we proflecteerden
jullie proflecteerden
zij / ze proflecteerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij proflecteer
jullie (archaïsch) proflecteert

Onbepaalde vormen

Infinitief
proflecteren
Tegenwoordig deelwoord
proflecterend
Voltooid deelwoord
geproflecteerd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary