HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← pikken — definition

Conjugation of pikken

Regular CEFR B2
ˈpɪ.kə(n)

iets wegnemen van iemand en het zich wederrechtelijk toe-eigenen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik pik
jij / je pikt
hij / zij / het pikt
wij / we pikken
jullie pikken
zij / ze pikken
Verleden tijd (o.v.t.)
ik pikte
jij / je pikte
hij / zij / het pikte
wij / we pikten
jullie pikten
zij / ze pikten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik pikke
jij / je pikke
hij / zij / het pikke
wij / we pikken
jullie pikken
zij / ze pikken
Aanvoegende wijs — verleden
ik pikte
jij / je pikte
hij / zij / het pikte
wij / we pikten
jullie pikten
zij / ze pikten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij pik
jullie (archaïsch) pikt

Onbepaalde vormen

Infinitief
pikken
Tegenwoordig deelwoord
pikkend
Voltooid deelwoord
gepikt

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary