HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← overvallen — definition

Conjugation of overvallen

Regular CEFR B1
ˌoː.vərˈvɑ.lə(n)

bij verrassing een pand (bank, woning e.d.) aanvallen (om bijv. te beroven) Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik overval
jij / je overvalt
hij / zij / het overvalt
wij / we overvallen
jullie overvallen
zij / ze overvallen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik overviel
jij / je overviel
hij / zij / het overviel
wij / we overvielen
jullie overvielen
zij / ze overvielen

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik overvalle
jij / je overvalle
hij / zij / het overvalle
wij / we overvallen
jullie overvallen
zij / ze overvallen
Aanvoegende wijs — verleden
ik overviele
jij / je overviele
hij / zij / het overviele
wij / we overvielen
jullie overvielen
zij / ze overvielen

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij overval
jullie (archaïsch) overvalt

Onbepaalde vormen

Infinitief
overvallen
Tegenwoordig deelwoord
overvallend
Voltooid deelwoord
overvallen

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary