HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ontzegelen — definición

Conjugation of ontzegelen

Regular CEFR B2
/ˌɔntˈzeː.ɣə.lə(n)/

openbaar maken wat aanvankelijk hermetisch was afgesloten voor de buitenwereld met behulp van een zegel Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ontzegel
jij / je ontzegelt
hij / zij / het ontzegelt
wij / we ontzegelen
jullie ontzegelen
zij / ze ontzegelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ontzegelde
jij / je ontzegelde
hij / zij / het ontzegelde
wij / we ontzegelden
jullie ontzegelden
zij / ze ontzegelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ontzegele
jij / je ontzegele
hij / zij / het ontzegele
wij / we ontzegelen
jullie ontzegelen
zij / ze ontzegelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik ontzegelde
jij / je ontzegelde
hij / zij / het ontzegelde
wij / we ontzegelden
jullie ontzegelden
zij / ze ontzegelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ontzegel
jullie (archaïsch) ontzegelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
ontzegelen
Tegenwoordig deelwoord
ontzegelend
Voltooid deelwoord
ontzegeld

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary