HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ontweien — definition

Conjugation of ontweien

Regular CEFR B2
ˌɔntˈʋɛi̯.ə(n)

vis, gevogelte of wild van de ingewanden ontdoen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ontwei
jij / je ontweit
hij / zij / het ontweit
wij / we ontweien
jullie ontweien
zij / ze ontweien
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ontweide
jij / je ontweide
hij / zij / het ontweide
wij / we ontweiden
jullie ontweiden
zij / ze ontweiden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ontweie
jij / je ontweie
hij / zij / het ontweie
wij / we ontweien
jullie ontweien
zij / ze ontweien
Aanvoegende wijs — verleden
ik ontweide
jij / je ontweide
hij / zij / het ontweide
wij / we ontweiden
jullie ontweiden
zij / ze ontweiden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ontwei
jullie (archaïsch) ontweit

Onbepaalde vormen

Infinitief
ontweien
Tegenwoordig deelwoord
ontweiend
Voltooid deelwoord
ontweid

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary