HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ontvuren — definición

Conjugation of ontvuren

Regular CEFR B2
/ˌɔntˈvy.rə(n)/

to ignite, to inflame Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ontvuur
jij / je ontvuurt
hij / zij / het ontvuurt
wij / we ontvuren
jullie ontvuren
zij / ze ontvuren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ontvuurde
jij / je ontvuurde
hij / zij / het ontvuurde
wij / we ontvuurden
jullie ontvuurden
zij / ze ontvuurden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ontvure
jij / je ontvure
hij / zij / het ontvure
wij / we ontvuren
jullie ontvuren
zij / ze ontvuren
Aanvoegende wijs — verleden
ik ontvuurde
jij / je ontvuurde
hij / zij / het ontvuurde
wij / we ontvuurden
jullie ontvuurden
zij / ze ontvuurden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ontvuur
jullie (archaïsch) ontvuurt

Onbepaalde vormen

Infinitief
ontvuren
Tegenwoordig deelwoord
ontvurend
Voltooid deelwoord
ontvuurd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary