HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ontvlezen — definition

Conjugation of ontvlezen

Regular CEFR B2
ˌɔntˈvleː.zə(n)

van vlees ontdoen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ontvlees
jij / je ontvleest
hij / zij / het ontvleest
wij / we ontvlezen
jullie ontvlezen
zij / ze ontvlezen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ontvleesde
jij / je ontvleesde
hij / zij / het ontvleesde
wij / we ontvleesden
jullie ontvleesden
zij / ze ontvleesden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ontvleze
jij / je ontvleze
hij / zij / het ontvleze
wij / we ontvlezen
jullie ontvlezen
zij / ze ontvlezen
Aanvoegende wijs — verleden
ik ontvleesde
jij / je ontvleesde
hij / zij / het ontvleesde
wij / we ontvleesden
jullie ontvleesden
zij / ze ontvleesden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ontvlees
jullie (archaïsch) ontvleest

Onbepaalde vormen

Infinitief
ontvlezen
Tegenwoordig deelwoord
ontvlezend
Voltooid deelwoord
ontvleesd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary