HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ontvaren — definition

Conjugation of ontvaren

Regular CEFR B2
ˌɔntˈvaː.rə(n)

ontsnappen, ontvlieden Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ontvaar
jij / je ontvaart
hij / zij / het ontvaart
wij / we ontvaren
jullie ontvaren
zij / ze ontvaren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ontvoer
jij / je ontvoer
hij / zij / het ontvoer
wij / we ontvoeren
jullie ontvoeren
zij / ze ontvoeren

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ontvare
jij / je ontvare
hij / zij / het ontvare
wij / we ontvaren
jullie ontvaren
zij / ze ontvaren
Aanvoegende wijs — verleden
ik ontvoere
jij / je ontvoere
hij / zij / het ontvoere
wij / we ontvoeren
jullie ontvoeren
zij / ze ontvoeren

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ontvaar
jullie (archaïsch) ontvaart

Onbepaalde vormen

Infinitief
ontvaren
Tegenwoordig deelwoord
ontvarend
Voltooid deelwoord
ontvaren

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary