HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ontboeien — definición

Conjugation of ontboeien

Regular CEFR B2
/ˌɔntˈbui̯ə(n)/

to unshackle (to remove shackles) Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ontboei
jij / je ontboeit
hij / zij / het ontboeit
wij / we ontboeien
jullie ontboeien
zij / ze ontboeien
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ontboeide
jij / je ontboeide
hij / zij / het ontboeide
wij / we ontboeiden
jullie ontboeiden
zij / ze ontboeiden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ontboeie
jij / je ontboeie
hij / zij / het ontboeie
wij / we ontboeien
jullie ontboeien
zij / ze ontboeien
Aanvoegende wijs — verleden
ik ontboeide
jij / je ontboeide
hij / zij / het ontboeide
wij / we ontboeiden
jullie ontboeiden
zij / ze ontboeiden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ontboei
jullie (archaïsch) ontboeit

Onbepaalde vormen

Infinitief
ontboeien
Tegenwoordig deelwoord
ontboeiend
Voltooid deelwoord
ontboeid

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary