HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ontboezemen — definición

Conjugation of ontboezemen

Regular CEFR C1
/ˌɔntˈbu.zə.mə(n)/

uit het gemoed (de boezem) loslaten, slaken Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ontboezem
jij / je ontboezemt
hij / zij / het ontboezemt
wij / we ontboezemden
jullie ontboezemden
zij / ze ontboezemden
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ontboezemde
jij / je ontboezemde
hij / zij / het ontboezemde
wij / we ontboezemden
jullie ontboezemden
zij / ze ontboezemden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ontboezemde
jij / je ontboezemde
hij / zij / het ontboezemde
wij / we ontboezemden
jullie ontboezemden
zij / ze ontboezemden
Aanvoegende wijs — verleden
ik ontboezemde
jij / je ontboezemde
hij / zij / het ontboezemde
wij / we ontboezemden
jullie ontboezemden
zij / ze ontboezemden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ontboezem
jullie (archaïsch) ontboezemt

Onbepaalde vormen

Infinitief
ontboezemden
Tegenwoordig deelwoord
ontboezemdend
Voltooid deelwoord
ontboezemd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary