HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ontbijten — definition

Conjugation of ontbijten

Regular CEFR B2
ˌɔntˈbɛi̯.tə(n)

de eerste maaltijd van de dag nuttigen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ontbijt
jij / je ontbijt
hij / zij / het ontbijt
wij / we ontbijten
jullie ontbijten
zij / ze ontbijten
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ontbeet
jij / je ontbeet
hij / zij / het ontbeet
wij / we ontbeten
jullie ontbeten
zij / ze ontbeten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ontbijte
jij / je ontbijte
hij / zij / het ontbijte
wij / we ontbijten
jullie ontbijten
zij / ze ontbijten
Aanvoegende wijs — verleden
ik ontbete
jij / je ontbete
hij / zij / het ontbete
wij / we ontbeten
jullie ontbeten
zij / ze ontbeten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ontbijt
jullie (archaïsch) ontbijt

Onbepaalde vormen

Infinitief
ontbijten
Tegenwoordig deelwoord
ontbijtend
Voltooid deelwoord
ontbeten

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary