HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← marchanderen — definition

Conjugation of marchanderen

Regular CEFR C1
ˌmɑr.ʃɑnˈdeː.rə(n)

onderhandelen over de voorwaarden of de prijs van een bepaalde zaak Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik marchandeer
jij / je marchandeert
hij / zij / het marchandeert
wij / we marchanderen
jullie marchanderen
zij / ze marchanderen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik marchandeerde
jij / je marchandeerde
hij / zij / het marchandeerde
wij / we marchandeerden
jullie marchandeerden
zij / ze marchandeerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik marchandere
jij / je marchandere
hij / zij / het marchandere
wij / we marchanderen
jullie marchanderen
zij / ze marchanderen
Aanvoegende wijs — verleden
ik marchandeerde
jij / je marchandeerde
hij / zij / het marchandeerde
wij / we marchandeerden
jullie marchandeerden
zij / ze marchandeerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij marchandeer
jullie (archaïsch) marchandeert

Onbepaalde vormen

Infinitief
marchanderen
Tegenwoordig deelwoord
marchanderend
Voltooid deelwoord
gemarchandeerd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary