HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← imiteren — definición

Conjugation of imiteren

Regular CEFR C2
/ˌi.miˈteː.rə(n)/

doen wat iemand anders doet Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik imiteer
jij / je imiteert
hij / zij / het imiteert
wij / we imiteren
jullie imiteren
zij / ze imiteren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik imiteerde
jij / je imiteerde
hij / zij / het imiteerde
wij / we imiteerden
jullie imiteerden
zij / ze imiteerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik imitere
jij / je imitere
hij / zij / het imitere
wij / we imiteren
jullie imiteren
zij / ze imiteren
Aanvoegende wijs — verleden
ik imiteerde
jij / je imiteerde
hij / zij / het imiteerde
wij / we imiteerden
jullie imiteerden
zij / ze imiteerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij imiteer
jullie (archaïsch) imiteert

Onbepaalde vormen

Infinitief
imiteren
Tegenwoordig deelwoord
imiterend
Voltooid deelwoord
geïmiteerd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary